Inhoud
-> Bodem winterklaar maken
-> Composthoop aanleggen
-> Meststoffen N-P-K
-> Wat je moet weten over paardenmest
-> Wat je moet weten over alpaca- en kamelenmest
-> Klei onder je klompen
-> Braak laten liggen
-> Snoeien van bomen en struiken
-> Imkers aan het werk
-> Heermoes bestrijden

Bodem winterklaar maken
– Maak in de herfst de kleigrond met een spitvork los (omwoelen).
– Strooi mest of compost over de bewerkte grond.
– Werk in het voorjaar de mest/compost door de grond.
Hierdoor kan in de winter de regen naar de ondergrond zakken,
kan de vorst in de grond dringen en de kluiten los maken
en kan de mest/compost zich vermengen met de grond.

Composthoop aanleggen
– Verzamel tuinafval op een hoop
(geen aardappel- of aardbeienloof, geen koolstronken)
– Leg daar van tijd tot tijd ook paardenmest op.
– Druk het tuinafval enigszins aan.
– Zorg dat de composthoop in de zomer niet uitdroogt.
Giet er water over als je ook de planten water geeft.
– Laat de composthoop minstens een jaar zitten.

Meststoffen N-P-K
Belangrijke voedingstoffen voor planten: stikstof, fosfaat en kalium.
Stikstof (N) is nodig voor de vorming van bladgroen en de groei van de plant.
Gele bladeren kunnen wijzen op een tekort aan stikstof.
Stikstof is vooral in de groeifase nodig, dus voor de meeste planten in het voorjaar.
Fosfaat (P) is belangrijk voor de vorming van wortels en voor de bloei en het rijpen van de vruchten.
Een tekort aan fosfor leidt tot een slechte oogst.
Fosfor is vooral in de groeifase nodig.
Kalium (K) zorgt voor het transport van water en koolhydraten.
Gekleurde vlekjes op de bladeren en verdorring kunnen te maken hebben met een tekort aan kalium.
Van kalium hebben planten meer profijt in de late groeifase, wanneer planten of bollen extra sterk moeten worden gemaakt voor de winter.

Samenvattend:
– Alpacamest is direct bruikbaar, langzaam vrijkomende meststof, veilige voor jonge planten
– Kamelenmest is direct bruikbaar, veilige voor jonge planten, droog en korrelig, goed voor de bodemtextuur.
– Paardenmest (met stro) is een mooie allrounder, vooral als die al gecomposteerd is.
– Kippenmest is krachtig, ideaal als snelle boost maar altijd composteren.
– Koeienmest is mild en veilig, goed voor basisvoeding en bodemleven.
– Compost is goed voor bodemstructuur en humusopbouw, combineert goed met andere mestsoorten.
Een combinatie van compost met een van de mestsoorten (zoals goed gecomposteerde kippen- of paardenmest) geeft vaak het beste resultaat.

Wat je moet weten over paardenmest
Verse paardenmest is een uitstekende organische meststof voor je moestuin.
Het bevat veel stikstof en kan je planten schaden als je het direct gebruikt. Hier zijn enkele manieren om ermee om te gaan:
1. Composteren
Het beste is om verse paardenmest eerst te composteren voordat je het in je tuin gebruikt. Het composteren zorgt ervoor dat de mest afbreekt, waardoor de stikstof langzaam vrijkomt en de kans op het verbranden van planten wordt verminderd. Laat het minimaal zes maanden composteren voor het beste resultaat.
2. Meng met stro of hooi
Als je de paardenmest vers wilt gebruiken, meng het dan met stro of hooi om de mest te verdunnen. Dit helpt de stikstof te balanceren en zorgt ervoor dat de mest niet te krachtig is voor je planten.
3. Niet direct op de wortels
Gebruik de mest niet direct bij de wortels van je planten, omdat dit de wortels kan verbranden. Verspreid de mest over de grond en werk het in de bovenste laag in. Dit helpt om het langzaam vrij te geven aan de planten.
4. Gebruik als mulch
Als je geen tijd hebt om de mest te composteren, kun je het ook gebruiken als mulch. Leg een dunne laag over de bodem en laat het langzaam afbreken. Zorg ervoor dat je de mest niet direct op de wortels van de planten legt.
5. Toepassen in de herfst
Het is vaak een goed idee om paardenmest in de herfst toe te voegen, zodat het tijd heeft om te composteren en zijn nutriënten beschikbaar zijn voor het tuinseizoen volgend jaar.
Paardenmest bevat een breed scala aan verschillende stoffen.
Het is niet zo gevarieerd als mest van bijvoorbeeld varkens of kippen, die verschillende eetgewoonten hebben. Paarden zijn kieskeurige grazers, maar hun dieet bevat vaak een variëteit aan gras, hooi en soms aanvullend voer, wat hun mest een redelijk diverse samenstelling geeft. Hier is wat je kunt verwachten van paardenmest:
1. Organische stof
Paarden eten gras en hooi, die rijk zijn aan cellulose, wat moeilijk door de spijsvertering wordt afgebroken. Dit zorgt ervoor dat paardenmest relatief veel onverteerde plantaardige vezels bevat. Dit maakt het een goede aanvulling voor de bodem, omdat het organische stof toevoegt die het bodemleven ondersteunt.
2. Stikstof (N)
Paardenmest bevat stikstof, een essentieel voedingsstof voor planten, maar het zit meestal in een vrij mildere vorm in vergelijking met bijvoorbeeld kippenmest. Te veel stikstof kan de wortels van je planten echter verbranden, vooral als de mest vers is.
3. Fosfor (P) en kalium (K)
Paardenmest bevat ook fosfor en kalium, twee andere belangrijke voedingsstoffen voor de plantengroei. De hoeveelheden fosfor en kalium in paardenmest zijn meestal lager dan in sommige andere dierlijke mesten, maar nog steeds nuttig voor de bodem.
4. Sporen van andere mineralen
Afhankelijk van het dieet van het paard, kan de mest ook andere mineralen bevatten, zoals magnesium, calcium, en sporenelementen. Deze mineralen zijn belangrijk voor de bodemgezondheid en het plantengroeiproces.
5. Weinig vet of olie
In vergelijking met mest van dieren die vetter voedsel eten (zoals varkens of kippen), bevat paardenmest weinig vet of olie, wat de mest vrij ‘droog’ maakt en minder geurend dan sommige andere soorten mest.


Deze twee prachtpaarden, Kacér en Edjenna-nana, maken de mest voor onze tuintjes en Cyrelle Vos brengt die mest regelmatig naar ons volkstuincomplex.
Wat je moet weten over alpaca- en kamelenmest
De mest van alpaca’s en kamelen is uitermate geschikt voor een moestuin.
Alpacamest
Alpaca-mest is een uitstekende, 100% natuurlijke meststof, ook wel “zwart goud” genoemd, die direct bruikbaar is voor planten en de bodem verbetert. De mest is geurloos en kan zonder composteren worden gebruikt voor bloemen, groenten, fruit en kamerplanten. De mestkorrels laten voeding geleidelijk vrij bij regen of water geven, wat overbemesting helpt voorkomen.
– Direct bruikbaar: In tegenstelling tot veel andere dierlijke mestsoorten, hoeft alpacamest niet eerst te rijpen of te composteren. Het kan direct worden toegepast.
– Voedzaam: Het is een langzaam vrijkomende meststof die een goede balans van stikstof, kalium en fosfor aan de bodem toevoegt, wat essentieel is voor gezonde planten.
– Veilig: Het verbrandt planten of zaailingen niet, waardoor het een zeer veilige optie is voor diverse toepassingen.
Kamelenmest
Kamelenmest is een uitstekende natuurlijke bodemverbeteraar en meststof die, net als alpacamest, direct in de tuin gebruikt kan worden zonder compostering. Het staat bekend om zijn lage vochtgehalte, korrelige structuur en het ontbreken van een sterke geur.
– Voedzaam: Het is een langzaam vrijkomende meststof die nuttige voedingsstoffen levert om de gezondheid van de bodem te verbeteren. De NPK-waarden zijn over het algemeen iets lager dan die van alpacamest, maar het levert nog steeds essentiële stikstof, fosfor en kalium.
– Bodemverbeteraar: De korrelige structuur helpt de bodemtextuur te verbeteren en draagt bij aan een betere waterretentie en drainage.
– Veilig: Net als alpacamest is het mild en veilig voor gebruik bij jonge planten en zaailingen.
– Hygiënisch: Kamelen zijn efficiënte watergebruikers, waardoor hun uitwerpselen droog zijn, wat de groei van bacteriën en schimmels tegengaat.

Klei onder je klompen
Krijg je bij het tuinieren ook een dikke laag klei onder je schoenen?
Dan is er een eenvoudige manier om die eronderuit te halen.
Zet een stoeptegel rechtop, half in de grond.
Leg er een stoeptegel voor en stamp de grond eromheen goed vast.
Nu kun je de klei onder en opzij van je schoenen er gemakkelijk afschrapen.
Wil je (een deel van) jouw tuin een tijdje niet gebruiken dan kan je die inzaaien met phacelia.
Phacelia is een snelle groeier en wordt gezaaid voor groenbemesting en onkruid bestrijding. Ze behoort niet tot de koolachtigen en vlinderbloemigen en is daarom gemakkelijk in te passen in de vruchtwisseling.
Phacelia is een echte bijenplant. Als de plant voldoende vocht krijgt, wordt er veel nectar geproduceerd. Hoewel phacelia goed tegen droogte kan, produceert de plant onder droge omstandigheden alleen stuifmeel.
Zaaien is mogelijk van maart tot half augustus, in rijen met een afstand van 35 à 50 cm en 0,6 tot 1,2 gram per m2. Maak in augustus de afstand 20 cm, omdat de plant dan minder groeit.
Phacelia vriest ‘s-winters dood. Het jaar daarna schiet het niet opnieuw uit.
Leg geen plastic op je braakliggende grond!
Slakken vinden het een ideale schuilplaats en ‘s-avonds komen ze eronder uit om de planten in de directe omgeving aan te vreten. Bovendien slaat de grond na verloop van tijd dicht en is die daarna moeilijker te bewerken.

Snoeien van bomen en struiken
Appelbomen en perenbomen vallen onder de noemer pitvruchtbomen. Deze fruitbomen kunnen tussen januari en eind maart gesnoeid worden. Het is belangrijk dat je dit niet te vroeg doet omdat de fruitbomen dan nog gevoelig zijn voor ziektes zoals vruchtboomkanker.
Steenvruchten zijn vruchten zoals pruimen, kersen, perziken en abrikozen. Deze bomen moet je snoeien van half april tot half september. Een algemene regel is dat je de steenvruchtbomen net na de bloei in april/mei of net na de pluk in augustus snoeit. In deze tijd van het jaar genezen de wonden sneller en heb je minder kans op ziektes.
Voor meer informatie over het snoeien van bomen en struiken:
– snoeien van fruitbomen: klik hier.
– snoeien van struiken: klik hier.

Imkers aan het werk
Op de oostkant van ons volkstuinencomplex staat een bijenstal. Bijen zijn nodig voor de bestuiving en dragen aldus bij aan een goede oogst. Van die bijen hebben we geen last omdat die over de naburige akker uitvliegen.
Alleen wanneer de imkers aan het werk zijn, kan er van enige hinder sprake zijn. Om de leden daarvoor te waarschuwen hangt er dan bij de ingang een rode vlag. Ook worden de leden op tijd gewaarschuwd via een email.
Klik op onderstaande afbeelding voor meer informatie over onze imkers.

Heermoes bestrijden
Heermoes ook bekend als paardenstaart of kattenstaart, is een hardnekkig en diep wortelend onkruid dat vooral voorkomt op arme, compacte of verstoorde bodems. Het staat bekend om zijn taaie wortelstelsel. Heermoes heeft twee soorten stengels: vruchtbare (bruine, vroege voorjaarsstengels) en onvruchtbare (groene, borstelachtige zomerstengels).
Heermoes groeit uit ondergrondse wortelstokken (tot 1,5 meter diep) die ook dienen voor opslag van voedingsstoffen. Het verspreidt zich dus via ondergrondse wortelstokken en ook bovengronds via sporen.
Bestrijding vraagt geduld en is zeker mogelijk. Al zou je het zelf niet erg vinden om heermoes in je tuin te hebben, jouw buurman/buurvrouw kan er ongewild last van krijgen omdat jouw heermoes zich uitbreidt naar jouw buren. Bestrijden is dus nodig.

-> Indien mogelijk: de stengels en wortels verwijderen met een spitvork (riek) .
-> Tussen gewassen en struiken: de stengels regelmatig (om de 1-2 weken) tot aan de grond afknippen.
-> Tip: Laat de heermoes goed drogen totdat die afgestorven is: dat levert goede meststoffen op.
-> Tip: Nooit omspitten of schoffelen: dat versnijdt de wortelstokken en vermeerdert de heermoes.
Bestrijding is mogelijk door de grond te verbeteren (lange-termijn-aanpak!)
-> Verbeter de bodemstructuur met lavameel.
Het verrijken van de bodem met Lavameel werkt op pas lange termijn en is erg kostbaar. Lavameel bevat naast het belangrijke silicium nog 83 andere voor de bodem belangrijke mineralen. Als het natuurlijk evenwicht in de bodem is hersteld dan stopt groei van heermoes. Meststoffen met een bovengemiddeld gehalte aan Kali en Fosfor kunnen ook effect hebben.
-> Toevoegen van compost of kleimineralen kan wellicht ook helpen.
-> Kalk strooien indien de bodem te zuur is (heermoes houdt van zure grond).
